– Platform RIT

Missie en visie

Missie

Op regionaal niveau inrichten van toegankelijk, doelmatige en kwalitatief goede en veilige (keten)zorg georganiseerd vanuit het belang van de patiënt, gedragen door de verschillende direct betrokken partijen en stakeholders.

Visie

De zorgmarkt kent vele stakeholders met verschillende en soms tegenstrijdige belangen. Ons vertrekpunt is enerzijds de patiënt maar anderzijds hebben we ook oog voor de impact op de zorgkosten en betaalbaarheid van de totale zorg. Van daaruit brengen we de belangen bij elkaar om (sneller) een zinvolle bijdrage te leveren aan kwalitatief goede, doelmatige, veilige en betaalbare zorg.

Het in de Gelderse vallei gelanceerde idee van substitutie 2.0 waarbij de regie van de verdeling van zorg bij een RAC komt te liggen, onderschrijven we. De eerste Business Case hierover samen met MENZIS geeft alle aanleiding om dit verder te onderzoeken.

Ten aanzien van de betaalbaarheid van de totale zorg maken we ons hard voor ontschotting om zo integrale zorgfinanciering te bieden. Dit sluit aan op ideeën als VBHC en Triple Aim.

Voorbeeld organisatie regionale Trombosezorg

Wij hanteren voor de marktverdeling een afgeleide van de bekende Pareto regel (80/20 soms ook 70/20/10). Een kleine groep van de  patiënten (10%) is complex en vergt daardoor zowel veel tijd als ook kennis van de verantwoordelijke zorgprofessional. De grootste groep (70%) vergt (mits stabiel en goed ingesteld) weinig begeleidingstijd en ook geen hoog kennisniveau van  de zorgprofessional. De resterende groep (20%) valt hier tussen in. De absolute begeleidingstijd zal mogelijk bij elke categorie gelijk zijn, maar de tijd per patiënt zal het grootste zijn bij de complexe patiënt. 

Om de zorgkosten in de hand te houden, zal je het aanbod van de (regionale) zorg hier op moeten afstemmen. Temeer daar het aantal trombose patiënten komende jaren toe gaat nemen (verwachte groei aantal AF-patiënten) en complexiteit (oudere patiënt) toeneemt. De beschikbaarheid van de NOAC’s maken het mogelijk deze zorg in de 1e lijn, dichtbij de patiënt, te leveren. Onder voorwaarden kan dit ook voor de VKA-zorg. In beide gevallen betreft het de categorie ‘stabiele patiënten’. 

Wij zien voor de complexere zorg een rol weggelegd voor een RAC (Regionaal Antistollingscentrum). Dit  kenniscentrum kan daadwerkelijk ingezet worden bij de begeleiding van de complexe patiënt. Maar het kan ook een belangrijke rol vervullen bij de begeleiding van alle drie de categorieën. Door deze RAC’s ook landelijk te laten samenwerken kan door kennisuitwisseling de kwaliteit toenemen.

De taken van de huidige traditionele TD’s kunnen overgaan naar een RAC. Steeds meer zorg kan op afstand, dichtbij de patiënt via huisarts en POH geleverd worden. Hierbij is het essentieel om dit wel goed begeleid te doen via een RAC wat verantwoordelijk is voor LSKA implementatie, casemanagement, regie functie (middels een digitaal regioprotocol), scholing, registry, 24 / 7 vraagbaak voor patiënt en zorgprofessional.

Uiteindelijk (2025, stip op de horizon) voorzien we enkele RAC’s (6?) die samen inhoud geven aan het Nationaal Antistollings Centrum (NAC). Hier wordt de agenda (onderzoek, scholing, LTA’s) bepaald, protocollaire sturing gegeven met ruimte voor regionale invulling (RTA) en een dynamisch (on demand scholing in kleine blokjes) scholingsprogramma ontwikkeld voor zowel patiënt als zorgprofessionals op elk niveau. Op deze weze zal er minder verspilling zijn van regionale gelden en / of het wiel opnieuw uitvinden.

Financiering hiervan vergt een andere benadering, opheffen van huidige schotten. Momenteel (2017) ontstaan hier meer initiatieven over.